Een onderzoek van de Consumentenbond in september vorig jaar liet zien dat veel rechtsbijstandverzekeringen slachtoffers van huiselijk geweld in de steek laten. De reden: de polisvoorwaarden sluit vaak onderlinge geschillen uit of vereist toestemming van de verzekeringsnemer, die in veel gevallen zelf de dader is. Na de publicatie van die analyse hebben diverse grote verzekeraars hun beleid onder de loep genomen en sommige hebben inmiddels concrete aanpassingen doorgevoerd.
De drie Achmea-merken Centraal BeheerFBTO en Interpolis waren als eerste die de voorwaarden aanpasten. Per 1 december 2025 mogen verzekerden die juridische hulp nodig hebben vanwege huiselijk geweld of seksueel misbruik voortaan zelf een claim indienen, zonder toestemming van de contracterende partij. Een woordvoerder van Achmea legt uit: "Met deze wijziging willen wij waarborgen dat slachtoffers laagdrempelig en zelfstandig toegang hebben tot juridische ondersteuning." In de nieuwe polis staat een expliciete uitzondering op de gebruikelijke uitsluiting van onderlinge conflicten; bovendien krijgen meerdere verzekerden die tegelijk hulp zoeken, ieder hun eigen rechtshulp.
Intern beleid bij DAS: praktische werkinstructies
DAS heeft geen formele wijziging van de polisvoorwaarden doorgevoerd, maar wel een interne werkinstructie ontwikkeld die medewerkers aanspoort om zorgvuldig en coulant om te gaan met aanvragen die verband houden met huiselijk geweld. Het bedrijf meldt dat meldingen van dit type minimaal zijn; slachtoffers zoeken doorgaans eerst hulp bij instanties als Veilig Thuis of Slachtofferhulp. Desondanks kan DAS in strafzaken of bij het verhalen van letselschade toch juridisch advies bieden, zelfs wanneer de dader al veroordeeld is. Het beleid richt zich op een praktische benadering in plaats van een structurele contractuele wijziging.
ARAG en andere verzekeraars: stilstand of belofte
Voor ARAG blijft de eerdere bepaling ongewijzigd: onderlinge conflicten tussen personen die onder dezelfde polis vallen, vallen niet onder de dekking. Het bedrijf benadrukt echter dat de aandacht voor dit onderwerp intern is besproken en meegenomen wordt als een ‘belangrijk signaal’ bij de periodieke beoordeling van de voorwaarden. Een woordvoerder noteert dat polisvoorwaarden normaal gesproken eens per 2 à 3 jaar worden herzien, dus mogelijke aanpassingen in een toekomstige ronde niet uitgesloten zijn. Individuele gevallen worden nog wel behandeld met maatwerk; juristen bekijken de persoonlijke situatie en zoeken binnen contractuele mogelijkheden naar oplossingen.
Univé heeft reeds eerder een model gehanteerd waarbij het verzekerde bedrag tweeën wordt gedeeld wanneer meerdere verzekerden binnen één conflict een claim indienen. De verzekeraar geeft aan bewust geen leidende verzekeringsnemer te hanteren, omdat dit als onredelijk wordt gezien, vooral voor slachtoffers van huiselijk geweld. Vanaf 1 oktober dit jaar blijft de bepaling bestaan, maar met de toevoeging dat het bedrag alleen wordt verdeeld als beide partijen binnen hetzelfde conflict aanspraak maken. Als één verzekerde geen dekking meer heeft, kan de andere het volledige maximum benutten, zodat een slachtoffer niet benadeeld wordt doordat de andere partij geen rechtshulp meer ontvangt.
Voor ASR en Allianz is geen reactie ontvangen, waardoor onduidelijk blijft of zij hun polisvoorwaarden al dan niet hebben aangepast. Naast deze twee blijft een aantal verzekeraars, waaronder NH1816 (vermeld in de oorspronkelijke bron), vasthouden aan de oude exclusieregel dat de verzekeringsnemer de leidende partij is. Het brede overzicht laat zien dat, hoewel een deel van de markt proactief handelt, een aanzienlijk aantal spelers nog geen concrete stap heeft gezet om slachtoffers van huiselijk geweld beter te ondersteunen.
Reacties vanuit de academische wereld
Volgens hoogleraar Suzan van der Aa van de Universiteit Maastricht zijn de eerste stappen positief, maar nog lang niet voldoende. Zij stelt dat slachtoffers niet opnieuw financiële of juridische drempels mogen tegenkomen wanneer ze een gewelddadige relatie willen verlaten. Het ontbreken van snelle aanpassingen bij veel verzekeraars vergroot de stress en onzekerheid voor de betrokkenen. Van der Aa benadrukt dat naast rechtsbijstand in familierecht ook begeleiding bij alimentatie en omgang met kinderen cruciaal is, en dat een trage beleidsreactie de maatschappelijke discussie alleen maar verlengt.



