De recente Miljoenennota geeft een helder signaal: de komende jaren zal de groei van de Nederlandse economie trager verlopen dan in de periode daarvoor. De arbeidsproductiviteit blijft achter, de investeringsdruk neemt toe en de uitgaven groeien door vergrijzing, veiligheid en een hoger renteniveau. Tegelijkertijd blijkt de arbeidsmarkt op veel plekken al krap, waardoor extra bestedingen niet automatisch leiden tot een groter personeelsaanbod.
Economisch beeld: minder groei, hogere lasten
Analyse van de cijfers toont dat de productiviteitsgroei onder het Europees gemiddelde blijft hangen. Investeringen in infrastructuur en innovatie staan onder druk, terwijl de kosten voor pensioenen en zorg blijven stijgen. Deze combinatie zet de overheidsfinanciën onder spanning: zonder structurele aanpassingen zou een groter deel van de schuldenlast naar de werkende generatie moeten schuiven.
Regeringsinitiatieven: versnelde procedures en netwerkuitbreiding
Het kabinet heeft inmiddels een pakket gepresenteerd om de juridische procedures rond het volledige stroomnet te verkorten en voor delen van de netuitbreiding vergunningen te laten vervallen. Daarnaast is er een nieuw stikstofpakket geïntroduceerd, waarmee blijvend overleg met sectorpartijen wordt gegarandeerd. De recente brief van de Nationale Investeringsinstelling (NII) en de intentieverklaring van een groot deel van de financiële instellingen onderstrepen de bereidheid van de financiële sector om kapitaal sneller beschikbaar te maken voor de economie.
Fiscale en structurele hervormingen: van vermogenswinstbelasting tot startrekening
Op het gebied van belastingen wordt er meer nadruk gelegd op het verhogen van de vermogenswinstbelasting en het voorkomen van een al te grote afhankelijkheid van inkomensafhankelijke regelingen. Het kabinet onderzoekt een arbeidskorting per uur zodat mensen die meer willen werken daadwerkelijk beloond worden. Daarnaast wordt een startrekening voor jongeren voorgesteld: bij de geboorte wordt een bedrag aangelegd dat ouders en grootouders kunnen aanvullen en dat lange termijn belegd wordt in bijvoorbeeld een Nederlands indexfonds. Deze maatregel moet het spaargedrag omzetten in productieve investeringen.
De Raad van State heeft duidelijk gemaakt dat de overheid niet alleen moet kijken naar traditionele vaste activa zoals wegen en gebouwen, maar ook naar investeringen in onderwijs, onderzoek en digitale infrastructuur. Door jaarlijks te rapporteren over de productiviteitseffecten van dergelijke uitgaven ontstaat meer transparantie over wat de overheid werkelijk oplevert.
Begrotingsdiscipline en lange-termijnstrategie
De cijfers laten zien dat de staatsschuld van de EMU-landen stijgt; Nederland verwacht een toename van €41,5 miljard tussen eind 2026 en eind 2027, terwijl de rentelasten met €4,6 miljard groeien. Dit betekent een gemiddelde last van meer dan €800 per inwoner. De begrotingsdiscipline moet daarom hand in hand gaan met gerichte investeringen, zodat de financiële ruimte behouden blijft voor onverwachte tegenvallers.
Alleen door een heldere taken-balans en een realistische“koek-groei” kan Nederland toekomstige generaties een sterkere economie en ruimte voor eigen initiatief bieden.



