Naar inhoud springen
8 november 2026

Securin gaat failliet: gevolgen voor Nederlandse vastgoedbeleggers

Securin ging failliet ondanks hoge klantwaardering en beloften van enorme rendementen; de crisis spoort een bredere blik op de Nederlandse vastgoedparticipatie‑markt en de huidige investeringsremmingen.

Securin gaat failliet: gevolgen voor Nederlandse vastgoedbeleggers

Deze week heeft de Rechtbank Utrecht een opvallende uitspraak gedaan: de Utrechtse firma Securin, die zich specialiseert in Britse vastgoed-investeringen, is failliet verklaard. Het bedrijf trok klanten met een zogenaamd rendement van 1250 % over een periode van 30 jaar – een belofte die volgens hun eigen berekeningen een investering van £333.000 zou laten uitgroeien tot bijna £4,5 miljoen. De realiteit kwam echter anders uit, waardoor de curator het einde van de onderneming moet afhandelen.

Het Securin-model en de oorzaken van het faillissement

Securin bood een breed scala aan diensten, variërend van een kick-start voor de eerste stap op de Britse vastgoedmarkt tot het premium-product Securin Platinum, een volledig beheerd portfolio. Daarnaast organiseerde het bedrijf investeringsreizen naar projecten in Manchester, Liverpool en Leeds, en hield het regelmatig vastgoed-evenementen in Utrecht. De online reputatie was indrukwekkend: een Google-score van 4,9 uit 5 en klantbeoordelingen die de professionaliteit, integriteit en transparantie van het management benadrukten.

Op de website van Securin werd uitvoerig uitgelegd waarom de Britse steden aantrekkelijk zouden zijn – een structureel tekort aan woningen, een groeiende bevolking en daardoor een blijvende druk op de huurmarkt. De eigenaren beweerden dat deze factoren betere opbrengsten opleveren dan de Nederlandse markt, waar overheidsmaatregelen volgens hen de winstgevendheid onder druk zetten.

Hoewel de belofte van een 1250 % rendement veel aandacht trok, blijft onduidelijk of Securin in voorgaande jaren winsten boekte of al jaren verliesgevend was. Als micro-onderneming hoefde het weinig gegevens te publiceren bij de Kamer van Koophandel. Noch Securin, noch de door de curator aangestelde vertegenwoordiger geven meer toelichting, waardoor onduidelijk is of een eventuele doorstart mogelijk is en wat de precieze gevolgen voor de beleggers zijn.

De Nederlandse vastgoedparticipatiemarkt in perspectief

Terwijl één firma ten onder ging, bloeit de bredere markt voor vastgoedparticipaties in Nederland. Een recent onderzoek van PropertyNL wijst uit dat vijf aanbieders – Vastgoed Syndicering Nederland, Annexum, Credit Linked Beheer, Holland Immo en Synvest – gezamenlijk €5,6 miljard beheren. Daarmee vertegenwoordigen zij meer dan de helft van het totale fondsvermogen in dit segment.

Alle vijf spelers zagen een groei in hun fondsen en boekten positieve rendementen. De sector heeft zich vanaf de vroegere ‘rolodex-mentaliteit’, waarbij oude contacten opnieuw werden benaderd, ontwikkeld tot een community-gedreven aanpak. Een duidelijk voorbeeld is Annexum, dat jaarlijks beleggersdagen organiseert waar economen en fiscalisten de deelnemers bijpraten over actuele ontwikkelingen.

Desondanks blijft het potentieel onbenut. Nederlanders hebben ongeveer €600 miljard aan spaargeld, maar slechts €234 miljard wordt geïnvesteerd in beleggingsfondsen, waarvan vastgoedparticipaties slechts een fractie uitmaken. Slechts één kwart van de huishoudens (ongeveer 2,2 miljoen) belegt, terwijl de groep met meer dan €100 000 op spaarrekeningen – rond 880 000 huishoudens – als ‘kleine spaarders’ wordt gekarakteriseerd. Voor deze niche-beleggers kunnen vastgoedparticipaties een alternatief bieden, al blijft de historische rendementsinformatie vaak een struikelblok.

Investeringen in vastgoed onder druk: resultaten van de Conjunctuurenquête 2026

Een bredere economische blik laat zien dat investeringen in verschillende sectoren vertraging oplopen. Uit de Conjunctuurenquête van oktober 2026 blijkt dat 14,1 % van de ondernemers investeringen uitstelt, terwijl 2,5 % ze volledig heeft geschrapt. Bijna de helft van de ondernemers in de vastgoed- en huursector heeft al dan niet investeringen uitgesteld of geannuleerd – een van de hoogste percentages onder alle sectoren.

De belangrijkste remmende factoren zijn financiële beperkingen (16,9 %) en onzekerheid over toekomstig economisch beleid (13,7 %). In de vastgoedsector spelen daarnaast regelgeving, vergunningen en infrastructuur een belangrijke rol. Tegelijkertijd blijft technologie de dominante investeringsprioriteit: 46,5 % van de bedrijven richt zich op digitalisering en automatisering, gevolgd door investeringen in personeel en duurzaamheid.

Het algemene ondernemersvertrouwen blijft negatief, met een index van –5,3, gelijk aan het vorige kwartaal. Hoewel de informatie- en communicatiesector optimistischer is, blijft de landbouw-, bosbouw- en visserijsector het meest terughoudend. Het tekort aan arbeidskrachten blijft de grootste belemmering voor bedrijfsvoering, met 32 % van de bedrijven die dit als belangrijkste obstakel aangeeft.

De combinatie van een failliete speler, een toch groeiende participatiemarkt en brede investeringsremmingen schetst een genuanceerd beeld. Voor Nederlandse beleggers betekent dit dat voorzichtigheid geboden is bij het kiezen van partners voor Britse vastgoed en dat het verkennen van andere segmenten – zoals niche-fondsen voor zorgwoningen of parkeerparken – een mogelijke manier kan zijn om risico’s te spreiden.