Naar inhoud springen
17 september 2026

Spanningen tussen VVD en PvdA tijdens APB over bezuinigingen

VVD‑fractievoorzitter Brekelmans roept op tot het schrappen van alle bezuinigingen voordat hij over fiscale voorstellen van Klaver praat.

Spanningen tussen VVD en PvdA tijdens APB over bezuinigingen

Op 16 september startte de Tweede Kamer met de jaarlijkse Algemene Politieke Beschouwingen (APB). De editie kreeg een extra scherpe sfeer omdat het kabinet geen eigen meerderheid meer heeft in beide Kamers. Hierdoor moet het rekenen op steun van oppositionele fracties voor de goedkeuring van de begroting. In het eerste debat moment trad de spanning tussen de VVD-leider Ruben Brekelmans en de PvdA-leider Jesse Klaver naar voren.

Kern van de begrotingsstrijd tussen VVD en PvdA

Brekelmans stelde in duidelijke bewoordingen dat hij alleen bereid is te praten als alle bezuinigingen van tafel verdwijnen. Hij prees het idee dat er geen ruimte meer is voor een constructieve onderhandeling zolang de oppositie vastklampt aan een volledige eliminatie van knipwerk. Klaver reageerde dat de PvdA wel degelijk concrete voorstellen heeft ingebracht: een belastingverhoging in Box 2 een miljonairsbelasting en een bredere belasting van vermogens. Volgens hem zouden deze maatregelen de lasten op de gemiddelde burger moeten verlagen, terwijl de overheid meer inkomsten krijgt van hogere vermogensklassen.

Klaver benadrukte dat de partij “wil belasting te heffen op vermogen, zodat we de druk op de middenklasse kunnen verlichten”. Hij gaf mee dat de PvdA al vroeg in de gesprekken “een hard nee” heeft ervaren op haar juiste voorstellen. Brekelmans beschuldigde de oppositie er vervolgens van “eenknipbehoeften te presenteren als een volledige verkiezingsprogramma-lecture”. In zijn ogen is het “geen serieus onderhandelen” als een partij alleen met idealen komt en geen concessies maakt.

Reacties van andere fracties op de impasse

De discussie kreeg extra dimensies toen leden van andere partijen zich mengden. CDA-leider Henri Bontenbal betoogde dat een minderheidskabinet meer voorbereiding en overleg nodig heeft. Hij noemde de huidige situatie een “cultuuromslag” en riep op tot een agenda-leegveging om de polder te betrekken bij de begrotingsonderhandelingen.

JA21-leider Joost Eerdmans gaf aan dat zijn fractie niet automatisch de volledige begroting zal steunen. Hij prees de noodzaak om per thematisch onderdeel (bijvoorbeeld Klimaat- en Groene Groei, of Asiel- en Migratiebudget) te beoordelen. Zijn partij keurde bijvoorbeeld de asielvoorstellen af vanwege de nog geldende spreidingswet.

Volt-leider Laurens Dassen stelde dat een vermindering van de uitkeringen geen oplossing is voor jonge werkenden. Hij pleitte voor een verlaging van de arbeidsbelasting zodat werken meer loont voor iedereen. ChristenUnie-fractievoorzitter Mirjam Bikker uitte ongenoegen over de retoriek van “Gen Z werkt te weinig” en vroeg zich af of er concrete maatregelen komen.

Wat betekent de impasse voor de komende weken?

De APB bestaat uit twee rondes: eerst een presentatie van de standpunten van alle fracties over de Prinsjesdag-nota, daarna een reactie van de minister-president en een eventuele stemming over moties. De huidige stand van zaken laat zien dat er geen eenvoudige “totaaldeal” zal komen. Brekelmans gaf aan dat het “makkelijker” is om een brede overeenkomst te vinden, maar hij benadrukte dat dit alleen lukt als de oppositie bereid is om hun eisen te matigen.

Klaver vroeg expliciet of de VVD een individuele deal per begrotingspunt overweegt of een algehele overeenkomst wil sluiten. Brekelmans antwoordde dat beide opties openstaan, maar dat “het alternatief” – per budgetstuk onderhandelen – tijdrovend is en de kans op akkoord verkleint.

De discussie liet zien dat de strijd niet alleen over cijfers gaat, maar ook over de manier waarop politiek wordt gevoerd. Terwijl de VVD vasthoudt aan een harde onderhandelingslijn, blijft de PvdA zich verzetten tegen wat zij ziet als een “uitgehollen uitkeringsstelsel”. De uitkomst van de komende weken zal bepalen of de minderheidsregering een stabiele basis kan vinden of dat er meer fragmentatie volgt.