In een reeks aanpassingen aan het Belastingplan wil de regering vanaf 2028 een vermogenswinstbelasting invoeren die impact heeft op een groot deel van de Nederlandse huishoudens. Tegelijkertijd worden de voorgenomen bezuinigingen op de sociale zekerheid waaronder de WW en WIA, definitief geschrapt. De maatregelen maken deel uit van een bredere poging om de begroting op evenwicht te brengen zonder de meest kwetsbare groepen te belasten.
Voor een aanzienlijk aantal kleine beleggers en spaarders betekent dit een ongewone verschuiving: de vrijstelling die momenteel €1.800 per persoon bedraagt, wordt teruggebracht tot ongeveer €1.000. Hierdoor zal de drempel om box-3 belasting te betalen dalen, waardoor naar schatting 850.000 Nederlanders die tot nu toe buiten de heffing vielen, nu wel geconfronteerd worden met een belastingaanslag.
De nieuwe box-3 regeling in detail
De kern van het pakket bestaat uit een vermogenswinstbelasting die pas wordt geheven op het moment dat een belegger een effect verkoopt. In tegenstelling tot het huidige systeem, waarbij jaarlijks een fictief rendement van 6 % wordt belast, wordt nu de daadwerkelijke koerswinst belast. Deze verandering schept een fiscaal voordeel voor beleggers die hun posities lange tijd aanhouden, maar brengt een directe last met zich mee voor iedereen die net boven de nieuwe vrijstellingsgrens uitkomt.
Naast de lagere vrijstelling wordt ook het huidige heffingsvrije vermogen van €59.357 per persoon onder de loep genomen. Er wordt gesuggereerd dat deze grens eveneens wordt verlaagd, waardoor de draaglast nog verder kan verschuiven naar kleinere vermogens. Voor ondernemers introduceert de regering een tijdelijke verlaging van de belasting op dividenduitkeringen, bedoeld om winsten sneller uit het bedrijf te laten vloeien en daarmee de belastinginkomsten op korte termijn te verhogen.
Politiek overleg en standpunten van partijen
De voorgestelde aanpassingen zijn het resultaat van intensieve gesprekken tussen het minderheidskabinet en diverse oppositiepartijen. Partijen als JA21 vinden een deel van de box-3-wijziging onaanvaardbaar omdat kleine beleggers één van de doelen zouden raken. Pro- en Volt-leden steunen het behoud van de sociale zekerheidsbudgetten, maar blijven kritisch over de bredere fiscale onderdelen. ChristenUnie en SGP uitten gematigde tevredenheid, maar benadrukten dat er nog geen volledige consensus is bereikt.
De vakbonden FNV, CNV en VCP zagen de terugtrekking van de WW-bezuinigingen als een belangrijke overwinning en kondigden aan de geplande stakingen op te schorten. Zij staan nu open voor nieuwe onderhandelingen met het kabinet over de verdere invulling van het sociaal vangnet. De politieke dynamiek suggereert dat een uiteindelijke akkoord alleen haalbaar is als zowel de fiscale als de sociale aspecten tegemoetkomen aan breed gedragen eisen.
Financiële consequenties en effecten op sociale zekerheid
Hoewel de nieuwe vermogenswinstbelasting minder direct opbrengt dan het huidige forfaitaire systeem, verwacht de regering dat de combinatie van een lagere vrijstelling, de aanpassing van de BV-leninglimieten en de tijdelijke verlaagd tarief op dividenduitkeringen samen een overschot van bijna een half miljard euro oplevert. Deze inkomsten zouden vervolgens kunnen worden aangewend om de inkomensbelasting te verlagen, hoewel concrete details nog ontbreken.
Het schrappen van de WW- en WIA-bezuinigingen creëert een begrotingsgat van circa drie miljard euro. Het kabinet hoopt dit gat deels te dichten met de extra belastinginkomsten uit de aangepaste box-3. De uitkomst van de parlementaire debatten, die beginnen na de brief van minister Heinen, zal bepalen of deze financiële puzzel uiteindelijk wordt opgelost zonder extra druk op de midden- en lagere inkomensgroepen.



